In de pers

Ghelamco en haar gevecht tegen persvrijheid

Het recente boek “De illegale Ghelamco Arena, als politici zich met voetbal bemoeien” viel niet in goede aarde bij de bouwgroep Ghelamco. Meer nog, CEO Paul Gheysens trok met een stakingsvordering naar de uitgeverij om zo de publicatie van het boek te verhinderen. Volgens hen zou het boek afbreuk doen aan de reputatie van hun merk en daarom niet gepubliceerd mogen worden. De Antwerpse Rechtbank van Koophandel deed nu uitspraak over deze kwestie.

Ghelamco: Inbreuk op de reputatie van een merk

Er zijn internationale regels die zeggen dat een niet-toegestane afbreuk aan de reputatie van een merk verboden is. Het is op deze bepalingen dat Ghelamco Group zich beriep. Echter zijn er heel wat voorwaarden verbonden aan het begrip “niet-toegestane afbreuk”. Zo moet de afbreuk schade berokkenen en mag er geen geldige redenen voorhanden zijn.

Een voorbeeld vinden we bij een politieke campagne onder de slogan “Vrouwen tegen islamisering”, terecht aangehaald door het Gents juridisch bureau deJuristen. In deze campagne werd een rode schoenenzool afgebeeld die een link deed ontstaan met schoenenproducent Louboutin (gekend omwille van zijn rode schoenenzolen). Louboutin beriep zich in dit geval op exact dezelfde bepalingen zoals Ghelamco Group. Hier oordeelde de rechtbank dat er geen geldige reden was om het merk Louboutin in een politieke campagne te gebruiken en mocht de afbeelding niet langer gebruikt worden.

Uitgeverij: Persvrijheid

De uitgever beriep zich uiteindelijk op de persvrijheid als geldige reden om het boek te publiceren. Er is in België immers een grondwettelijke grondslag die dat recht op persvrijheid kracht moet geven. Er werd in het verleden reeds aangenomen dat die bepaling niet alleen van toepassing is op auteurs en journalisten, maar ook op drukkers en uitgevers. De persvrijheid zou volgens de uitgeverij de “geldige reden” uitmaken.

Wat besliste de rechtbank?

De rechtbank besliste uiteindelijk dat het niet-toegestane karakter niet kon gestaafd worden. Enerzijds haalde de rechtbank aan dat persvrijheid onontbeerlijk is in een democratische samenleving. De persvrijheid is hier inderdaad een geldige reden om afbreuk te doen aan de reputatie van een merk. Bovendien haalt de rechtbank ook aan dat een merkhouder niet kan optreden tegen het gebruik van zijn merk in wetenschappelijke publicaties.

Het is wel duidelijk dat de beoordeling geval per geval moet gebeuren en steeds moet gezien worden in zijn specifieke context. Er kan enkel tot een inbreuk besloten worden indien de vermelding van een merk enkel waarde had als “lokmiddel” en niet tot doelstelling had om “informatie over te brengen”. In het eerste geval kan men zich niet verschuilen achter het “informeren van de samenleving”, in het tweede geval wel.  Kortom: wij mogen dit bericht publiceren omdat we informatie willen overbrengen. Bovendien mogen we er een (rechtenvrije) foto bovenop gooien. Graag gedaan.

Persvrijheid 1 – Ghelamco 0.

Geef een reactie