In de pers

Rijden er binnenkort trambussen in Vlaanderen? Wetgeving maakt het mogelijk

© De Lijn, Een trambus op het Ringtracé, geraadpleegd via www.delijn.be/nl/mobiliteitsvisie2020/brabantnet/testrit-trambus.html

De Vlaamse Vervoersmaatschappij De Lijn wil al langer zogenoemde trambussen in Vlaanderen inzetten. Momenteel mikken ze daarvoor op 2019. Daarvoor bestond in Vlaanderen echter nog geen wettelijk kader. Trambussen zijn immers te lang en te zwaar voor de Vlaamse regelgeving. De Vlaamse regering brengt daar nu verandering in, waardoor er binnenkort misschien wel echt trambussen in Vlaanderen rijden.

Wat zijn trambussen?

Trambussen zijn extra lange voertuigen die in tegenstelling tot trams niet op rails rijden. Toch heeft het een aantal kenmerken met zo’n tram gemeen. Zo is het veel langer dan een gewone bus, benadert het de capaciteit van een tram en rijdt het eveneens een vast traject. Toch is een trambus veel flexibeler en kan het van het traject afwijken indien zich er een verstoring voordoet.

De door De Lijn bestelde hybride trambussen zijn 24 meter lang en bieden 137 reizigersplaatsen, waarvan 51 zitplaatsen. Ze hebben vier deuren en bieden ook ruimte voor een kinderwagen en een rolstoel. Hierbij is de achteras apart bestuurbaar, waardoor de bus toch korte bewegingen kan maken.

Vlaamse decreetgever steunt trambussen

Het aangepast wettelijk kader komt niet als een verrassing. Zo werd eerder al bekend dat De Lijn eind vorig jaar 14 trambussen had besteld bij het Lierse bedrijf Van Hool. Vlaams Minister van Mobiliteit, Ben Weyts, reageerde toen enthousiast:

Met de trambus bieden we een snel alternatief voor de file en mikken we op een optimale doorstroming. Zo zorgen we op korte termijn voor een ruimer aanbod van vlot en comfortabel openbaar vervoer.” (Ben Weyts, Vlaams Minister van Mobiliteit)

De levering van de eerste vier trambussen staan rond deze periode ingepland, begin 2019 zouden er nog tien extra modellen moeten volgen. In Vlaams-Brabant zullen ze al vrij snel ingezet worden, waarbij ze de overlast van de werken aan de Ring rond Brussel moeten compenseren.

Om de introductie van de trambus mogelijk te maken, moest de decreetgever wel nog een aantal hiaten in het wettelijk kader wegwerken. Met het Besluit van de Vlaamse Regering van 26 oktober 2018 tot wijziging van diverse besluiten, wat betreft trambussen (BS 27 november 2018) worden de laatste plooien gladgestreken.

Niet langer te zwaar en te lang

Het vroeger wettelijk kader liet trambussen immers niet toe op onze Vlaamse wegen. Enerzijds omdat ze de technische voertuigvoorschriften op vlak van de maximaal toegelaten massa overschreden, anderzijds omdat ze te lang waren. Ook dat laatste was problematisch: ze zouden immers onder de regeling van «uitzonderlijke voertuigen» vallen. Uiteraard kon een trambus niet aan de strikte vereisten van het uitzonderlijk vervoer voldoen.

De decreetgever grijpt daarom op twee manieren in:

  • Men neemt een maximaal toegelaten massa van 38.000 kg voor trambussen op in het KB van 15 maart 1968 (technisch reglement voertuigen);
  • Trambussen worden buiten het KB van 2 juni met betrekking tot het wegverkeer van uitzonderlijke voertuigen geplaatst, op voorwaarde dat ze niet langer zijn dan 25,25 meter.

Het hoeft niet gezegd te worden dat de door De Lijn bestelde trambussen mooi aan die vereisten voldoen.

Niet iedereen zal een trambus in het verkeer kunnen brengen

Ik zal inderdaad niet zomaar een trambus kunnen kopen en in het verkeer brengen. De decreetgever heeft immers ingeschreven dat een trambus tot uitzonderlijk vervoer klasse 1 behoort, waardoor een vergunning uitzonderlijk vervoer noodzakelijk is. Die vergunning heeft geen opgelegde reisweg en heeft een maximale geldigheidsduur van 5 jaar.

Geef een reactie