FeaturedProces

Rolrechten in 2019: dit zijn de tarieven en regels

In 2015 werd een nieuwe regeling met betrekking tot de rolrechten ingevoerd. Deze regeling liet het rolrecht afhangen van de waarde van het geschil. Het Grondwettelijk Hof heeft die regeling echter in 2017 vernietigd, waardoor het oude regime opnieuw van toepassing was. De wetgever komt nu met een nieuwe rolrechtenregeling dat vanaf 1 februari 2019 in werking zal treden.

Rolrechten vanaf 1 februari 2019

In het nieuwe regime is het tarief van het rolrecht niet meer afhankelijk van de waarde van het geschil, zoals het eerder door het Grondwettelijk Hof werd vernietigd. Ook de rol (algemene rol, register van verzoekschriften of register van de vorderingen in kort geding) waarop de zaak werd ingeschreven, speelt niet langer een rol. Het tarief is wel afhankelijk van in welke rechtbank de zaak wordt ingeschreven:

Rechtbank Rolrecht vanaf 1 februari 2019
Vredegerecht 50 EUR
Politierechtbank 50 EUR
Rechtbank van eerste aanleg 165 EUR
Ondernemingsrechtbank 165 EUR (tenzij bij vorderingen in het kader van insolventieprocedures)
Hof van Beroep 400 EUR
Hof van Cassatie 650 EUR

Wie moet het rolrecht betalen?

Onder het nieuwe regime zal men het rolrecht pas op het einde van de procedure moeten betalen. Het is de rechter die zal bepalen wie de rolrechten moet betalen. In principe volgt men hierbij volgende redenering:

  • De partij die de zaak op de rol heeft doen stellen, moet de rolrechten betalen, tenzij de andere partij in het ongelijk werd gesteld;
  • De in het ongelijk gestelde partij moet de rolrechten betalen;
  • Wanneer de partijen elk voor een deel in het ongelijk werden gesteld, zal de rechter de verdeling van de rolrechten bepalen.

Eerder stoot het nieuwe regime al op kritiek van vrederechter Lode Vrancken die aanhaalde dat wie zijn energiefactuur niet kan betalen, ook die rolrechten niet zou kunnen betalen. De Staat zou op die manier heel wat inkomsten mislopen.

Nu betalen die vooraf en is het geld voor de staatskas. Als we de verliezers achteraf het rolrecht aanrekenen, is het nog maar de vraag of ze dat ooit gaan betalen. Wie z’n ziekenhuisrekening niet kan betalen, heeft die 50 euro ook niet. Zelfs via de belasting innen, zal bij deze mensen moeilijk zijn.” (Lode Vrancken, vrederechter – zoals verschenen in Het Laatste Nieuws, 22/12/2018)

Volledigheidshalve moeten we vermelden dat wie zijn rolrecht niet betaalt, een administratieve boete krijgt van minimaal 25 euro en maximaal 50% van het rolrecht. Maar wie het rolrecht niet kan betalen, zal waarschijnlijk ook de boete niet op kunnen hoesten.

Geef een reactie