Dossier coronavirusFeaturedIn de persWerk & SociaalZiekte en verzorging

Kan en mag de overheid een vaccinatie verplichten?

In het kader van de coronavaccinatie is intussen al veelvuldig aangegeven dat mensen niet verplicht zullen worden om een coronavaccin te krijgen. De gehele campagne is vooralsnog op de vrije wil gebaseerd. Volgens sommigen zou zo’n verplichting dan ook ingaan tegen zowat al onze grondrechten en vrijheden. Klopt dat wel?

Regering kan een vaccinatie verplichten

Wat zij ook mogen zeggen: onze regering kan een vaccinatie wel degelijk verplichten. In de Gezondheidswet van 1 september 1945 is die mogelijkheid namelijk duidelijk opgenomen. De voorwaarde is wel dat het gaat om besmettelijke ziekten die een algemeen gevaar opleveren. Daarnaast moet er voorafgaand advies worden ingewonnen bij de Hoge Gezondheidsraad. Omdat het een koninklijk besluit betreft, zou zo’n verplichting altijd meteen voor het volledige Belgische grondgebied moeten worden uitgerold. De federale regering kan het dus wel verplichten, maar de Vlaamse niet.

Artikel 1. De Koning is er toe gemachtigd om, bij algemeene reglementen en na het advies ingewonnen te hebben van den hoogen gezondheidsraad, de noodige maatregelen van voorbehoeding en assaineering, alsook alle inrichtings- en contrôlemaatregelen voor te schrijven:

1° Om de besmettelijke ziekten te voorkomen of te bestrijden, welke een algemeen gevaar opleveren en waarvan een lijst zal opgemaakt worden, op het eensluidend advies van den hoogen gezondheidsraad;” (Art. 1, 1° Gezondheidswet van 1 september 1945)

Lokale overheden kunnen vaccinatiebewijs vragen

Zonder een algemene verplichting voor het volledige grondgebied, zouden lokale overheden zoals gemeenten wel impliciet een verplichting kunnen opleggen. Ze zouden bijvoorbeeld om een vaccinatiebewijs kunnen vragen voordat hun burgers deel mogen nemen aan evenementen of toegang kunnen krijgen tot het marktplein met leuke restaurantjes en cafeetjes. Nochtans houdt dit een discriminatie op basis van de gezondheidstoestand in, maar zo’n discriminatie is volgens de Belgische Antidiscriminatiewet niet verboden wanneer het een legitiem doel nastreeft en de maatregel proportioneel is.

In het kader van de huidige strijd tegen corona lijkt er met zo’n vorm van discriminatie dan ook geen probleem te zijn. Wanneer we op een punt komen dat groepsimmuniteit – of een voldoende hoge vaccinatiegraad – bereikt zou zijn en het gevaar is afgewend, zou daar natuurlijk verandering in komen. Op korte termijn zou het voorleggen van zo’n corona-attest dus perfect wettelijk kunnen zijn.

Voor bedrijven en winkels ligt het moeilijker

Anderzijds kunnen bedrijven of particulieren maar moeilijk zelf zo’n impliciete verplichting opleggen. Als de overheid zo’n verplichting niet oplegt, valt het maar moeilijk te beargumenteren dat een onderneming met eigen maatregelen wel een legitiem en proportioneel doel kan nastreven. De lokale Delhaize of een vliegtuigmaatschappij kan dus niet op eigen houtje een corona-attest vragen, maar moet wachten op het ingrijpen van lokale of hogere besturen.

Enkel in sommige gevallen zouden we kunnen argumenteren dat er geen sprake is van publieke plaatsen en activiteiten, waarbij het alsnog mogelijk is om mensen eenvoudiger de toegang te weigeren. Het gaat dan niet om de lokale Delhaize, maar bijvoorbeeld wel om een besloten parenclub.

Verplichte vaccinatie is zeker geen primeur

Is het dan allemaal zo dramatisch en is het zo’n schending van onze rechten als een vaccinatie wordt verplicht? Het zou alvast geen unicum zijn, zoals sommigen nochtans wel beweren. Het KB van 26 oktober 1966 bijvoorbeeld heeft de poliomyelitis-vaccinatie verplicht gemaakt en er een vaccinatiebewijs aan gekoppeld. Net zoals de Gezondheidswet van 1 september 1945 het vereist, volgde deze verplichting na het inwinnen van advies van de Hoge Gezondheidsraad.

Artikel 1. De inenting tegen poliomyelitis wordt verplicht gesteld. De handelingen die zij omvat nemen een aanvang na de tweede levensmaand en moeten vóór de leeftijd van achttien maanden beëindigd zijn, behalve zo er geneeskundige tegenaanduiding is, in welk geval zij moeten verricht worden tijdens de achttien maanden volgend op het einde van deze tegenaanduiding.” (Art. 1 KB 26 oktober 1996 waarbij de inenting tegen poliomyelitis verplicht gesteld wordt)

Bovendien wordt dit artikel ook al langer afgedwongen. Op 2 december 2020 oordeelde de Tongerse rechter nog dat een 26-jarige moeder zich niet op religieuze overtuigingen kon beroepen om te weigeren om haar kind tegen het poliovirus in te enten. Op 11 juni 2014 oordeelde de correctionele rechtbank van Limburg ook al dat de “persoonlijke en gemotiveerde overtuiging van de ouders” dient te wijken. En op 20 maart 1996 benadrukte de rechter te Gent dat individuele opvattingen evenals het recht op autodeterminatie moeten wijken voor een hoger, algemeen belang: de gezondheid van de bevolking en van de jeugd. De rechter te Luik oordeelde op 9 april 1986 dan weer dat de theorie van de wettige zelfverdediging hier niet kan worden toegepast om een vaccinatie toch maar te voorkomen.

Verplichte vaccinatie en schending mensenrechten?

Gaat dat allemaal niet in tegen de mensenrechten? Daar heeft het Hof van Cassatie (AR P.13.0708.F, 18 december 2013) reeds uitspraak over gedaan. Het Hof van Cassatie gaf uitdrukkelijk aan dat de verplichte inenting geen afbreuk doet aan de beginselen van onschendbaarheid en integriteit van het menselijk lichaam, omdat ze alleen worden aangewend om de gezondheid te beschermen. Het benadrukt wel dat zo’n verplichte vaccinatie in verhouding moet staan tot het doel. Onze hoogsteigen Grondwet is derhalve geen spelbreker.

Ook van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens kan dit niet worden gezegd. Het klopt dat het EVRM in het recht op de eerbiediging van het privé-, familie- en gezinsleven voorziet, maar de overheid kan hier wel degelijk beperkingen opleggen wanneer deze beperkingen noodzakelijk zijn om de democratische samenleving en de gezondheid te beschermen. Ook hier is het met andere woorden zo dat een verplichte vaccinatie kan als het daadwerkelijk ten goede komt van de volksgezondheid.

Oftewel: er zijn altijd mensenrechten, maar die primeren niet op het algemeen belang of op de mensenrechten van de meer dan 7,5 miljard andere mensen in het ondermaanse.

Ten slotte nog dit: de beoogde groepsimmuniteit wordt bereikt wanneer 70 tot 80% van de bevolking zich laat vaccineren. Het lijkt er vooralsnog op dat dit cijfer met de nodige info- en communicatiecampagnes ook zonder een verplichting van de vaccinatie zal worden gehaald. Hierdoor is zo’n verplichting dus niet automatisch proportioneel en zal de overheid het niet opleggen. Wil je niet gevaccineerd worden omdat je, zoals Jair Bolsonaro het zo mooi verwoordde, wel eens in een kaaiman zou kunnen veranderen? Houd het dan voor jezelf en deel vooral geen gekke berichten via sociale media. Des te meer mensen jij oproept om zich niet te laten vaccineren, des te groter de kans wordt dat je uiteindelijk zelf wordt verplicht.

Geef een reactie